Groter draagvlak voor leesbevordering

Persbericht Leesbevordering in Nederland van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, directie Voorlichting, 18-06-1998

Het belang van leesbevordering wordt de afgelopen jaren meer en meer onderkend. Bibliotheken en scholen besteden sinds 1994 meer tijd aan lezen. Wel is een betere afstemming met de commerciŽle sector en het onderwijs wenselijk over het te voeren beleid. Dit staat in het rapport ĎLeesbevordering in Nederland' van Bureau Driessen in Utrecht dat aan staatssecretaris Nuis van Cultuur (OCenW) is aangeboden. Staatssecretaris Nuis heeft opdracht gegeven tot dit onderzoek om inzicht te krijgen in de resultaten van het experimentele leesbevorderingsbeleid van de overheid. Dit beleid is in 1992 in gang gezet. Jaarlijks wordt hiervoor een budget van zes miljoen gulden gereserveerd op de cultuurbegroting.

Leesbevordering van de grond
Bureau Driessen stelt in zijn rapport vast dat er een ruim draagvlak is bij instellingen en scholen voor leesbevordering. De onderzoekers noemen echter een grotere betrokkenheid van onderwijs, boekhandelaren en uitgeverijen bij het beleid wenselijk. In 1994 heeft het Ministerie van OCenW Stichting Lezen aangewezen als centrale organisatie op het terrein van de leesbevordering. Stichting Lezen krijgt, zo blijkt uit het onderzoek, een redelijk tot goede beoordeling van organisaties die zich met leesbevordering bezighouden. Sterke punten zijn de promotie-activiteiten door de stichting en het op de agenda plaatsen van lezen. Ook het aanzwengelen van projecten krijgt een positief oordeel. De onderzoekers menen echter dat Stichting Lezen onvoldoende is gelukt om als platform te fungeren voor de verschillende organisaties die op het gebied van leesbevordering actief zijn. Dit zijn onder meer boekhandelaren, uitgeverijen, bibliotheken, scholen en omroepen. Bureau Driessen vraagt zich af of de gekozen structuur van een stichting met een bestuur op afstand gelukkig is geweest. De onderzoekers hebben ook twijfels bij het nut van de huidige marginale toetsing door het ministerie van de projecten.

Onderwijs
De onderzoekers bevelen aan om de inspanningen om leesbevordering te stimuleren meer te richten op ouders, onderwijs en onderzoek. Stichting Lezen zou haar uiteenlopende activiteiten en doelgroepen moeten beperken. Aanbevolen wordt de contacten met het onderwijs te intensiveren. Op de scholen gebeurt immers het meest aan leesbevordering. Ook is het wenselijk om de activiteiten meer te richten op de ouders, die nu niet worden bereikt. De onderzoekers bevelen tevens aan regelmatig effectonderzoek uit te voeren. Dit kan de scepsis over de effectiviteit van leesbevordering tegengaan.

Procedure
Staatssecretaris Nuis zal het rapport aan het veld voorleggen. Uitgevers, boekhandels, bibliotheken, omroep, onderwijs en lagere overheden zullen om een reactie worden gevraagd. De Raad voor Cultuur wordt om advies gevraagd. Op basis van deze consultatieronde kan een standpunt worden bepaald voor de volgende cultuurnota van 2001-2005.